woensdag 23 november 2016

Een dekseltje

Ik nam een besluit. Ik zoek een therapeut. Iemand die me helpt objectief naar alles te kijken. Iemand die me helpt de essentie van de zaak te vinden. Iemand die volledig los staan van mij en alle miserie die zich nu afspeelt.

De thuissituatie is er nog geen haar op verbeterd. Ik krijg voze rillingen als ik denk aan een knuffel met het lief. Hij doet me niets. Het kan me niet schelen waar hij is, met wie en wat hij doet. Zolang hij mij maar gerust laat is alles best.
U ziet, dat is niet houdbaar. Niet voor mij en niet voor hem.

In de tussentijd is er N. Hij vecht, tegen gevoelens, vecht om niets fout te doen, net als ik. Maar er komt een dag dat we dat gevecht gaan verliezen. Een dag dat we ons verliezen in elkaar. Want wij passen samen, N en ik. We lachen veel samen, we begrijpen elkaar met een half woord, we vinden elkaar belachelijk knap.
Ik wens al mijn vrijgezelle vriendinnen iemand toe waarbij ze voelen wat ik en N voelen. Want het voelt goed, vertrouwd, normaal en lekker.
Ik kan alleen maar denken aan opgekruld in zijn armen te liggen. Mij volledig weg te stoppen onder zijn oksel. Weg van de wereld, maar wel samen. Een zeepbel van geluk.

Al kan die zeepbel barsten. Dat beseffen we ook. Wat als het toch niet lukt? Er zijn ook veel verliezen te lijden. Kinderen die gekwetst worden. Maar kinderen zijn misschien wel flexibel? Zijn kinderen niet gelukkig als ook de ouders gelukkig zijn? Maar wat als papa en mama niet meer samen gelukkig zijn? Maar wat als het niet blijkt te klikken met die kinderen? Is een relatie daar tegen bestand?
is er al sprake van een relatie? Eigenlijk niet want veel actie was er nog niet. Willen we dat? Wat mij betreft wel, denk ik. Maar is er dan nog een weg terug? Geen idee.

Wat ik wel weet is dat hij een verdomd goed dekseltje zou zijn op mijn potje.

maandag 7 november 2016

11 maand

Hoe het met me gaat? Werkelijk zeer peachy...

Het gaat niet zo goed. Het lief, die doet eigenlijk echt wel zijn best. Hij helpt waar hij kan, wat een verbetering is van duizend percent. En toch is er van mijn kant niets, enkel een groot leeg gat. Geen gevoel. Of nee, dat is niet waar. Soms denk ik: Kom, laten we er ons toch nog maar eens in smijten! Maar dan gebeurt er toch weer iets waarvan ik denk: dit gaat nooit meer rechtgetrokken kunnen worden.

Ook met N is het op zijn minst gezegd bizar. Het gaat van enorm aantrekken tot walgelijk onbeleefd afstoten. Van elkaar net niet opeten, naar een ijskoude en kille afwijzing.
Ik heb het daar enorm moeilijk mee. Ik ben in mijn leven al enorm shitty behandeld geweest, maar van N had ik dat nooit verwacht, nooit zien komen. Til ik er daarom zo zwaar aan? waarschijnlijk wel. Is dat logisch? Ik denk het niet.

Ben ik verliefd op N? Ik weet dat nog steeds niet. Ik mis hem wel als ik hem niet zie of hoor. Maar na een tijdje betert dat wel. Is dat dan verliefdheid? Liefde? Of is het gewoon lust? Of verveel ik me op een bepaalde manier?

11 maand zit ik al met een rotgevoel, 11 maand sinds ik het ontdekte dat het lief ook iemand anders zijn lief wou zijn. Dat is lang. Ik heb geen idee hoe lang ik dat nog kan volhouden. Ik heb geen idee hoeveel tijd ik het nog moet geven voor ik moet besluiten dan nog meer tijd geen nut heeft.

En intussen blijf ik ploeteren. Een ploetermoeder, in de ruimste zin die het woord kan hebben.

donderdag 29 september 2016

ups, of downs?

Ups and downs, dat is een aaneenschakeling in mijn leven.
Het lief, die kwam door stom toeval te weten dat ik eigenlijk meer met mijn gedachten bij N zit dan ok is. Heel erg droog gesteld kan het me ook niet schelen dat hij het weet. Hij doet me eigenlijk momenteel niets. Hij had dan ook nog het lef om kwaad te zijn.

Hij, die mij als eerste bedroog. Met iemand waar hij zelf van beweerde dat ze niets betekende en hij daar geen gevoelens voor had. Hij die dus alles wat hij heeft op het spel heeft gezet voor iets van geen betekenis. Die dus, die was kwaad op mij. Terwijl er misschien wel gevoelens zijn maar er nog niets gebeurde.

Ik mis die niet, nooit, geen seconde. Hij gaf me ook nooit iets om te missen.

Er kwam een draai bij N. Ik beteken wel degelijk iets voor hem zegt hij. Alleen is het zo verdomd moeilijk. We denken beiden hetzelfde. Als we de keuze maken om toch een einde achter onze relatie te zetten mag die niet afhangen van wat er eventueel wel of niet is. En in de tussentijd is het vechten. Tegen de zin om hem constant vast te pakken, hem te kussen en te knuffelen. Hem mis ik wel.
Misschien is dat ook alleszeggend.

maandag 19 september 2016

battle

Daar zit ik dan. In oorlog met mezelf zoals zoveel de laatste tijd.
Hoe komt het toch dat het altijd uitdraait op hetzelfde? Ik smijt mij ergens in, ik doe alles voor iedereen, met veel passie en plezier. Hoe komt het toch dat ik daar zo weinig voor terug krijg?

Die iemand anders die ik misschien vond, ik noem hem N, die neemt afstand. Rationeel begrijp ik dat. Zeer zeker. Er is de vrouw, kinderen en een huis. Emotioneel kan ik dat niet aan. Ik ben blijkbaar niet genoeg waard om er tijd in te steken. Niet genoeg om voor te gaan, niet genoeg tout court.

Zoals ik voor het lief ook niet genoeg ben om werkelijk eens alles op alles te zetten voor mij. Hij vertelt aan 2 vriendinnen  van mij die weten hoe de situatie zit wel dat hij me zo graag ziet. Dat hij mij toch fantastisch vindt. Maar toch is dat niet genoeg om me dan meer te helpen thuis, om meer moeite voor te doen. Dat bleek niet genoeg om me dan niet te bedriegen. Ik blijk niet genoeg.

En dat doet pijn, dat ik niet goed genoeg blijk te zijn voor het lief, maar misschien ook niet voor N... How low can you go?

vrijdag 16 september 2016

maandag 12 september 2016

happy faces

9 maand. Zo lang leef ik al in een algemeen gevoel van wanhoop afgewisseld met complete leegte. Dikke, zwarte leegte. Natuurlijk zijn er momenten waarop ik best gelukkig ben, ik heb geen depressie, dat weet ik zeker. Maar zo dikke zware en zwarte leegte zou daar wel naartoe kunnen evolueren.

Voor de buitenwereld zet ik een happy face op. Ik wil niet dat er veel mensen hiervan afweten. Stel dat we er toch nog samen uit zouden komen, dan wil ik niet dat er iemand naar mij kijkt met medelijden, of dat die iemand vooroordelen heeft. Happy face dus. Er zijn maar een klein handvol mensen die weten hoe de situatie nu zit.

Ik slaag daar wonderwel zeer goed in, in een happy face opzetten. Ik ben vrolijk, ik lach, ik amuseer me en blijk ook normaal te functioneren.
Er zijn ook verbazend weinig mensen uit mijn dichte omgeving er door kunnen kijken. Zij vragen me hoe het zit. Verzekeren me dat ze me steunen, no matter what ik kies. Dat doet ook wel pijn, beseffen dat er niet echt veel mensen zijn die het echt doorhebben hoe slecht het gaat.

 Eentje  letterlijk: ik denk dat jij nu zoekt naar iemand anders, onbewust. En als je die gevonden hebt, dat je weg bent.
Zou ik dat doen, er een punt achter zetten? Ik weet het niet. Als ik mijn kinderen zie lopen kan en wil ik me niet inbeelden dat ik ze niet elke dag zie. Maar wat hebben zij dan aan een moeder die emotioneel compleet ten onder gaat?

 Want ik vond die iemand anders misschien wel. Iemand die ik onsterfelijk grappig vind, die ik ongelooflijk knap vind, waarmee ik gemakkelijke stiltes kan hebben, iemand met dezelfde muzieksmaak en dezelfde interesses.
Al is het niet zo simpel want is er ook bij hem een relatie, kinderen en een huis. We doen niets mis. We spraken het uit want voelden beiden de spanning hangen. We voelden beiden het verlangen zinderen. Maar meer dan een gestolen kus kwam er niet van.

Rationeel beseffen we beiden ook dat het eigenlijk nooit kan lukken. Verliezen zijn er altijd. En ik ben maar simpele ik. Ik ben maar gewoon. Ik ben niet zijn vrouw en niet de moeder van zijn kinderen. Ongelijke strijd van in het begin. Een strijd die ik nooit kan winnen.

Omgekeerd is dat misschien ook zo, ik weet het niet. Ik mis mijn lief niet, ik heb hem niet nodig om mijn leven te leiden. Maar uiteraard is hij er wel altijd al geweest. Ik kan dus niet met zekerheid zeggen of ik hem zou missen moest ik hem nooit meer zien.

 Daarboven komen nog eens de vele mensen die ik oneindig hard zou kwetsen, als ik ervoor kies het lief niet meer mijn lief te laten zijn. Zijn ouders, mijn ouders, tantes en nonkels. Onze kindjes als belangrijkste.

Dat weegt, dat weegt veel te zwaar op mijn schouders en toch kan ik niet anders dan verder ploeteren.

donderdag 8 september 2016

Time

Vooroordelen, ik had en waarschijnlijk heb, er vaak klaarstaan. Een mening vormen over mensen die hun vriend of vriendin bedriegen? Geen excuus voor, afgedankt, dat soort volk. Je doet dat niet. Punt.

Ik kon er maar niet bij waarom je dat ooit zou doen. Want dat is laf, dat is mensen pijn doen en waarvoor? Om in het slechtste geval te ontdekken dat het alles wat je ermee verloren bent dat risico niet waard was. Is er wel een beste geval? Ik ken niet echt veel moedgevende voorbeelden.

 Ik was er ook zeker van dat het mij nooit zou overkomen. In geen van beide richtingen zelfs. Niet als bedrieger en zeker al niet als bedrogene. Maar dingen veranderen. Je komt in een bepaalde flow en van het ene komt blijkbaar al eens het andere. Voor je het weet blijk je wel in de rol van bedrogene te zitten. Na een relatie van +10 jaar komt dat aan, ook al voel je al langer dat het niet goed zit.

 Dat lief van mij, die ondernam ook niet veel om dat gevoel van algemene malaise weg te nemen. Aan die alarmbel werd nochtans genoeg getrokken. Luid ook. Luid genoeg om een Concordia mee te redden. Maar er veranderde in wezen niets. En ik werd onverschillig. Tot ik ontdekte dat de wederhelft er een verschillende agenda op na hield. Boos, wat een understatement is, schold ik hem de huid vol. Na weken van bleiren en wenen besloot ik er toch nog eens voor te gaan. Misschien waren we wel wakker geschud. Vol moed stortte ik me op herstel.  
Dat maakte dat die tweede val des te dieper was. Want dat contact tussen het lief en ‘die ander’, dat was niet gestopt.

 En nu? Nu kan het me niets meer schelen. Do not give a shit, werkelijk niet. Is er nog contact na mijn tweede scène van jewelste? Geen idee, do not care. Hij trekt er zijn plan mee. Ik kan het niet meer opbrengen. Het is op. Het gaat simpelweg niet meer.
Alleen zijn er kinderen, en zoals al gezegd, zij vragen er niet om. Ik kan van hun geen collateral damage maken. Dus offer ik mezelf maar op. Omdat ik niet anders durf. Omdat er geen betere optie is. Omdat kinderen groot brengen op mijn eentje volgens mij niet haalbaar is.

Wil ik dit? Nee. Gaat dat gebeuren? Misschien. Is dat houdbaar, leven met die gevoelens? Geen idee. Only time can tell.

donderdag 1 september 2016

impasse, what else.

Ik ga niet rond de pot draaien, op relationeel vlak zit ik in een impasse. En terwijl ik dat typ denk ik 'Maar zit mijn hele leven niet gewoon in een impasse?'

Ik doe mijn werk graag maar laat er geen traan over als ik het niet meer elke dag kan doen. Ik heb geen slecht leven, maar ik heb bijzonder weinig passie en vuur in dat leven. De sparkel is er uit. Weg. Geen idee wanneer die precies over boord is getuimeld.
Al vermoed ik dat de relationele impasse gewoon zo doorweegt op mijn zijn. Dat het net dat is wat mijn gevoel niet bepaald erg vrolijk maakt.

Die vriend van mij, die helpt er ok niet echt aan. We leven samen, apart. We doen ons ding, hebben occasioneel seks en that's it. Occasioneel omdat ik vaak denk: ik moet wel, het is al te lang geleden.
maar ik ben 30+, veel te jong om daar zo over te denken. Ik wil een vriend die ik de kleren van zijn lijf trek, die ik van pure hitsigheid dan maar pak in de keuken omdat de slaapkamer te ver weg is.

Maar hoe reëel is dat allemaal? In welke mate denken we dat we dat willen door films en 'De Boekskes' en in welke mate willen we dat ook echt?
En hoe mogelijk is dat, als er ook al een bende kinderen in dat huis en die keuken rond lopen?

In mijn hoofd raast een enorme tweestrijd. Alleenstaande moeder met 2 kinderen op een appartementje, ik zie dat niet zitten. Mijn kinderen maar om de week zien, zie ik ook niet zitten. Al is het maar omdat mijn vriend eigenlijk niets kan, buiten spelen met die kinderen. Hij kan niet koken, heeft geen geduld als ze eens wat minder flink eten. Heeft er ook geen besef van dat die kinderen moeten gewassen worden. Ik kan hun dat niet aandoen. Zij hebben niet gevraagd om de chaos en problemen die zo een leven voort brengen. Ik ben misschien geen 'moeder van het jaar' maar ik weet wel dat ik mezelf weg kan cijferen voor hun. En dus blijf ik.

Ik blijf dat leven in impasse leven. Ik blijf bij mijn vriend waarvan ik denk dat ik die eigenlijk niet graag meer zie. Gewoon, omdat er geen andere optie is. Omdat ik niet weet hoe ik het anders voor elkaar kan krijgen op mijn eentje.

dinsdag 30 augustus 2016

onrust

Ken je dat gevoel, dat er iets is wat je onrustig maakt, maar je niet helemaal de vinger kan leggen op wat het juist is wat je onrustig maakt? Ik bulk van dat gevoel.

 Ik leer mijn vriend kennen. Veel te vroeg op mijn levenspad, maar het is nu eenmaal zo. Je ziet die graag denk je, je hebt wel een fijne tijd samen. Maar er is altijd dat stemmetje dat in je hooft schreeuw: is die kerel eigenlijk wel je ware?

Weet jij veel hoe het zou moeten voelen als het de ware is. ‘De Boekskes’, films, series,… allemaal zijn ze overtuigend dat je ‘het wel voelt’ als het de ware is. Maar wat moet je dan voelen? Allesoverheersende passie en vuur? Is dat wel realistisch als je al lang samen bent, om nog allesoverheersende passie te voelen? Want ‘De Boekskes’ zeggen ook: je gaat iets dieper voelen na die zinderende passie en vuur, het graag zien komt dan boven.  Maar hoe voelt dat dan? Wat is het teken dat dit het is? Wat wil zeggen: met deze kerel ga je een gezellig oud wijf worden? Moet je die dan missen als hij er niet is of hoe gaat dat?

 En ook van zijn kant uit is het niet gemakkelijk tekenen van zijn liefde te herkennen. Want als je iemand graag ziet, is het dan normaal dat je elke gelegenheid om weg te gaan zonder haar grijpt? Is het dan ok om jouw partner te laten opdraaien voor het huishouden en de kinderen en zelf gewoon lekker relax in de sofa hangt? Is het normaal dat je overal rommel laat slingeren maar wel moppert dat het niet opgeruimd wordt?

 Dat stemmetje in mijn hoofd, je weet wel, de stem van je hart, blijft schreeuwen: stap eruit, het is geen relatie waar je over the top gelukkig van wordt. Het was misschien niet de ware.
Bijkomende problemen, die zijn er wel. Zaken waar het hart het misschien niet kan overnemen van het verstand.

 Zo kabbelde de relatie rustig verder, en gingen jullie samenwonen, in een huis dat werd gekocht en verbouwd.  En omdat dat nu eenmaal werd verwacht werd er misschien ook getrouwd en volgenden er vanzelfsprekend kinderen.
Maar kan je van die zaken, huis en kinderen, zomaar collateral damage maken? Die kinderen hebben niet gevraagd om in de strijd te zitten. Die willen, voor zover ze denken, dat rustige kabbelende leven behouden.

En zo komt het dat de stem van het hart vaak wordt onderdrukt. Omdat het verstand nu eenmaal meester is in angst inboezemen.

maandag 29 augustus 2016

Turning point

Turning points, iedereen heeft die wel in z’n leven. Een punt waarop je met zekerheid kan zeggen welke kant je leven dan is ingeslagen. Een keuze die de rest van je pad heeft bepaald en die onrechtstreeks zo ook het volgende turning point mee heeft bepaald.
Meestal is het pas later dat je beseft dat dat moment zo een punt is geweest. Welke invloed het heeft gehad.
ik heb zo enkele punten in mijn leven, punten die bepaald hebben wie, hoe en wat ik ben vandaag. Punten waar ik geen spijt van heb. Maar het is niet omdat ik er geen spijt van heb dat ik daarom datzelfde pad zou bewandelen.  

Al van toen ik heel erg klein was, ben ik me erg bewust van wat anderen denken. Over mij, over anderen, over situaties. Al van toen wil ik eigenlijk graag voor iedereen goed doen. Ik pas me wel aan. Het steekt niet zo nauw voor mij. Doe maar wat jij wil, waar jij je goed bij voelt en ik volg wel.
Als kind was dat dan vooral stil, braaf en vooral alleen spelen. Proberen ouders niet tot last zijn, niet teveel in de weg lopen. Niet klagen dat ik het eten eigenlijk niet lekker vond maar het toch inslikken en doorspoelen. Er komt wel weer eens ander eten op tafel, dat ik wel lust.
Er werd verwacht dat ik braaf was, dus was ik dat. Nu is dit hier geen loftrompet all over the place voor mijzelf als kind. Ik had ook mijn momenten dat ik gewoon kind en koppig was. Maar overall bekeken, je kon slechter treffen dan ik.
Mijn hele leven bleef dat gezapige tempo in mijn leven zitten. Al meer dan 30 jaar lang draai ik mee op het tempo waarom anderen dat comfortabel vinden. Al meer dan 30 jaar hou ik geen rekening met mijn eigen tempo.
Misschien is het daarom dat ik compleet niet weet wat ik nu met mezelf moet aanvangen. Want mijn gezapige tempo, daar kwam een stroomversnelling in. Ik maak nog steeds uit of dat positief is of niet.

Is het positief te noemen dat je iets voelt waarvan je dacht dat je het nooit kon voelen? Is het dan negatief dat je door die gevoelens wellicht anderen kwetst?
Moet je altijd voor jezelf kiezen, ook al betekent dat dat je veel mensen in de kou laat staan? Maar is het eerlijk tegenover jezelf om niet voor jezelf te kiezen, het leven te laten zoals het is en zelf ongelukkig te zijn? Maar zou het dan ook niet kunnen dat je gewoon lang genoeg moet wachten en dat je met een beetje geluk gewoon vergeet waarvoor je ongelukkig was?

Een handleiding bij het leven, dat zou al eens van pas kunnen komen.